Dit document bevat de Internationale Cyber Strategy van de Nederlandse overheid. Deze strategie focust zich op zes gebieden waaronder economische groei en ontwikkeling van het internet, effectief beheer van het internet, verbetering van cybersecurity, cybercrime, internationale vrede, veiligheid en stabiliteit en internetvrijheden.
Dit document bevat de schriftelijke inbreng van Nederland in de zaak Case Concerning the Application of the Convention of 1902 Governing the Guardianship of Infants (Netherlands v Sweden) voor het Internationaal Gerechtshof, waarin Nederland in gaat op de verplichtingen die voortvloeien uit het voogdijverdrag uit 1902.
Dit document bevat de inbreng van Nederland in een procedure onder het Verdrag van Aarhus welke door Greenpeace is aangespannen over het besluitvormingsproces van het verlengen van de levensduur van de kerncentrale in Borssele. De Nederlandse inbreng heeft betrekking op de implementatie van het Aarhus-verdrag, meer specifiek t.a.v. inspraak en ‘public participation’ zoals voorzien in artikel 6 van het Verdrag.
Dit document bevat advies nr. 23 van de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) betreffende de rechtmatigheid van het gebruik van bewapende drones, en de reactie van het kabinet op dit advies.
Dit document bevat advies nr. 25 van de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) betreffende humanitaire hulpverlening tijdens gewapend conflict, en de reactie van het kabinet op dit advies.
Dit werkdocument van o.a. Nederland is ingediend tijdens de 32ste Antarctic Treaty Consultative Meeting met als doel om een overzicht te geven van de relevante regelgeving inzake het gebruik van genetisch materiaal binnen het Antarctic Treaty System (ATS) en of deze regelgeving een voldoende raamwerk bevat voor het reguleren van het gebruik van genetisch materiaal (bioprospecting).
Het Europees Hof voor de Rechten van de mens (EHRM) heeft in de zaak H.G.D.W. v. The Netherlands (zaak nr. 9476/19) geoordeeld dat het recht op vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst onder artikel 9 van het Verdrag (EVRM) niet geschonden is.
Verzoekster stelt in deze zaak dat er inbreuk is gemaakt op haar vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst onder artikel 9 EVRM. De centrale vraag in deze zaak is of de Kerk van het Vliegend Spaghetti Monster valt onder artikel 9 EVRM. Het EVRM overweegt in deze zaak dat een godsdienst of geloofsovertuiging, onder artikel 9 EVRM, een zeker niveau aan overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang bereikt moet hebben. Gezien het parodiërende karakter van de Kerk van het Vliegend Spaghetti Monster is dit niet het geval en is er geen sprake van een godsdienst of geloofsovertuiging in de zin van artikel 9 EVRM. Derhalve oordeelt het EHRM dat de Kerk van het Vliegend Spaghetti Monster niet valt onder artikel 9 EVRM. Het EHRM verklaart de klacht van verzoekster kennelijk ongegrond en niet-ontvankelijk.
Het VN BuPo Comité heeft in de zaak H.J.T. (zaak nr. 3004/2017) geoordeeld dat de beginselen van behoorlijke rechtspraak onder artikel 14, lid 5 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) niet zijn geschonden.
De zaak betreft de beginselen van behoorlijke rechtspraak, met in het bijzonder het recht om een schuldigverklaring en veroordeling opnieuw te doen beoordelen door een hoger rechtscollege overeenkomstig de wet. Het mensenrechtencomité overweegt in deze zaak dat de toegezonden kennisgeving heeft geleid tot misbruik van het recht om zodanige kennisgevingen in te zenden, aangezien verzoeker de huidige klacht na meer dan 5 jaar na uitputting van de nationale rechtsmiddelen en na meer dan drie jaar na de beslissing van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft ingediend. Daarnaast heeft hij geen uitleg heeft verschaft over deze vertraging. Derhalve oordeelt het Comité dat de klacht van verzoeker niet-ontvankelijk is op grond van artikel 3 Eerste Protocol bij het IVBPR.
Dit document bevat de uitleg van het arbitraal tribunaal van aspecten van de uitspraak, op verzoek van België, in de arbitrage tussen België en Nederland, inzake de verdeling van de kosten van de reactivering van de spoorverbinding IJzeren Rijn op Nederlands grondgebied.
Toont 571 - 580 van 637 resultaten.