Dit document bevat de vragen en opmerkingen van de fracties van de Tweede Kamer naar aanleiding van het advies ‘De toekomst van de Arctische regio’ van de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) en de antwoorden daarop van de Minister van Buitenlandse Zaken.
Dit document bevat de Kamerbrief en nader advies van de extern volkenrechtelijk adviseur (EVA) inzake het geweldgebruik tegen ISIS in Syrië. De kamerbrief informeert de Tweede Kamer dat er kan worden geconcludeerd dat sprake is van een volkenrechtelijke mandaat voor het gebruik van geweld tegen ISIS in Syrië. Deze grond wordt gevormd door het recht op collectieve zelfverdediging, zoals verankerd in artikel 51 VN Handvest, ten behoeve van de verdediging van Irak tegen gewapende aanvallen door ISIS vanuit Syrië op Irak.
Kamerbrief
De Afdeling advisering concludeert dat het initiatiefwetsvoorstel in strijd is met de twee belangrijkste verdragen die zien op cannabis, namelijk het Enkelvoudig Verdrag inzake verdovende middelen uit 1961 (EV) en het Verdrag van de Verenigde Naties tegen de sluikhandel in verdovende middelen en psychotrope stoffen uit 1988 (SV). De argumenten in de toelichting waarom het initiatiefwetsvoorstel in het licht van deze verdragen toelaatbaar zou zijn, zijn volgens de Afdeling ontoereikend. Ook het beroep op het voorbehoud dat Nederland heeft gemaakt heeft bij het SV is in dit geval niet toereikend.
Dit document bevat de kabinetsreactie en het advies van de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) over de buitenlands- en veiligheidspolitieke aspecten van ontwikkelingen met betrekking tot de Noordelijke IJszee. In het advies wordt ingegaan op de implicaties van klimaatverandering, de Arctische regio als geopolitieke arena, de militaire presentie in de regio, de economische belangen mede in relatie tot de internationale grondstoffenmarkt en de ontwikkelingen in de wereldwijde scheepvaart.
Dit document bevat advies nr. 15 van de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) en de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) betreffende preëmptief optreden en de politieke en militaire wenselijkheid of noodzakelijkheid hiervan, en de reactie van het kabinet op dit advies.
Deze brief informeert de Tweede Kamer over de volkenrechtelijke aspecten van de luchtaanvallen op ISIS doelen in Irak en Syrië. De brief zet het juridisch kader uiteen en bevat de rechtsgrond voor gebruik van geweld tegen ISIS in Irak op grond van Irakese toestemming. Met betrekking tot Syrië ontbreekt toestemming voor het gebruik van geweld tegen ISIS op Syrisch grondgebied, waardoor het geweldsverbod in beginsel geldt. De VS beroept zich op collectieve zelfverdediging, maar gezien daartoe geen internationale overeenstemming is, blijft de Nederlandse inzet beperkt tot Irak.
Dit document bevat een resolutie van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (AVVN) over het referendum gehouden op de Krim en de territoriale integriteit van Oekraïne.
De vraag die in dit onderzoek centraal staat is of het legaliseren, decriminaliseren, beleidsmatig gedogen en/of anderszins reguleren van cannabisteelt voor recreatief gebruik toelaatbaar is onder het internationale recht. Daarbij richt de toetsing zich uitdrukkelijk ook op de vraag in hoeverre argumenten en plannen van Nederlandse gemeenten en buitenlandse initiatieven betreffende de regulering van cannabisteelt voor recreatief gebruik zich verhouden tot dat internationale recht. Meer in het bijzonder gaat het daarbij om het VN Enkelvoudig Verdrag 1961 zoals gewijzigd bij Protocol van 1972, het VN Sluikhandel Verdrag 1988, het zogenoemde EU Schengenacquis, het EU Gemeenschappelijk Optreden illegale drugshandel 1996 en het EU Kaderbesluit illegale drugshandel 2004. De conclusie is dat er gelet op de internationale verplichtingen inzake drugsbestrijding, geen ruimte is voor regulering van cannabisteelt ter bevoorrading van coffeeshops. Hetzelfde geldt voor regulering van cannabisteelt in het verband van Cannabis Social Clubs of via andere modaliteiten die strekken tot recreatief gebruik door derden.
Dit document bevat het standpunt van de Europese regeringsleiders over de relatie tussen de EU-landen, Oekraïne en Rusland, naar aanleiding van de gebeurtenissen in Oekraïne en de Krim in 2014.
Tijdens de begrotingsbehandeling van het Ministerie van Defensie heeft de Minister van Defensie, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken, een reactie gegeven op de oproep van de speciale rapporteur van de Verenigde Naties (VN) tot het instellen van een moratorium op de ontwikkeling en het gebruik van autonome wapensystemen.
Toont 31 - 40 van 63 resultaten.