Dit document bevat de inbreng van Nederland in een procedure onder het Verdrag van Aarhus welke door Greenpeace is aangespannen over het besluitvormingsproces van het verlengen van de levensduur van de kerncentrale in Borssele. De Nederlandse inbreng heeft betrekking op de implementatie van het Aarhus-verdrag, meer specifiek t.a.v. inspraak en ‘public participation’ zoals voorzien in artikel 6 van het Verdrag.
Dit document bevat advies nr. 25 van de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) betreffende humanitaire hulpverlening tijdens gewapend conflict, en de reactie van het kabinet op dit advies.
Dit document bevat de antwoorden op de Kamervragen van leden Van Bommel en Sjoerdsma over de richtlijn registratie personen geboren in Palestina.
Dit document bevat de bijlage bij de Kamerbrief over Palestijnse toetreding tot verdragen. De bijlage bevat een overzicht van de verdragen waartoe Palestina is toegetreden op 2 april 2014 en een lijst van verdragen waartoe Palestina is toegetreden op een eerdere datum.
Deze kamerbrief informeert de Tweede Kamer over de Nederlandse positie met betrekking tot de Palestijnse toetreding tot een aantal multilaterale verdragen, de Nederlandse rol als depositaris en de positieve aspecten van deze toetreding.
Kamerbrief
Dit document bevat de annex bij de Nederlandse inbreng onder het Verdrag van Aarhus, aangespannen door Greenpeace, over het verlengen van de levensduur van de kerncentrale in Borssele. Dit document gaat verder in op de activiteiten van de kerncentrale.
Dit document bevat de antwoorden op Kamervragen van het lid Thieme over indirecte investeringen van ambtenaren via pensioenfondsen in legbatterijen en megastallen in het buitenland.
Dit document bevat advies nr. 15 van de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) en de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) betreffende preëmptief optreden en de politieke en militaire wenselijkheid of noodzakelijkheid hiervan, en de reactie van het kabinet op dit advies.
Dit document bevat een resolutie met de reactie van de ICAO Council op het neerhalen van vlucht MH17 boven oost-Oekraïne op 17 juli 2014.
In deze Kamerbrief is vermeld dat het Ministerie van Buitenlandse Zaken een zogenaamde «garantverklaring» heeft afgegeven voor de tentoonstelling "De Krim - Goud en Geheimen van de Zwarte Zee". Deze garantverklaring houdt – kort gezegd – in dat de Staat zich zal verzetten tegen pogingen tot beslaglegging of andere executiemaatregelen wanneer dergelijke maatregelen strijdig zijn met het internationaal recht. Deze verklaring ziet derhalve niet op de vraag wie rechthebbende is op de stukken.
Tijdens de looptijd van de tentoonstelling is op de Krim door het regionale parlement de onafhankelijkheid uitgeroepen en is daarover een referendum georganiseerd. Deze eenzijdige afscheiding van Oekraïne evenals de daarop volgende aansluiting bij Rusland is strijdig met internationaal recht. Internationaalrechtelijk is duidelijk dat het besluit tot afscheiding en het referendum geen consequenties kunnen hebben voor de status van de Krim. De soevereiniteit over de Krim berust bij Oekraïne. Dit is ook zo uitgesproken door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in resolutie 68/262 van 27 maart 2014. De Europese Raad heeft op 20 maart 2014 de inlijving van de Krim door de Russische Federatie veroordeeld en aangegeven deze niet te zullen erkennen.
Tweede Kamer, 2015-2016, 34 000 V, nr. 9, officiëlebekendmakingen.nl
Toont 301 - 310 van 432 resultaten.