Het Mensenrechtencomité (Comité) heeft in de zaak E.A. en Y. (zaak nr. 2498/2014) geoordeeld dat het niet toekennen van kindgebonden budget door Nederland onverenigbaar is met artikel 24 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR).
De zaak betreft in essentie de rechten van het kind (artikel 24 IVBPR). De verzoekster (staatloos) stelt dat door het niet verlenen van een kindgebonden budget meerdere rechten van haar en die van haar kind (Y) onder het IVBPR zijn geschonden. Het Comité richt zich enkel op de vraag of de weigering van de aanvraag voor een kindgebonden budget de rechten van het kind onder artikel 24 lid 1 IVBPR schaadt. Het Comité overweegt dat elk kind recht heeft op speciale beschermingsmaatregelen en dat bij elke beslissing die een kind aangaat de belangen van het kind voorop dienen te staan. Staten hebben een positieve verplichting om deze belangen te waarborgen. Het kindgebonden budget kan onder nationaal recht in bijzondere omstandigheden worden toegekend aan personen zonder verblijfstatus (dus ook aan de verzoekster). Het Comité concludeert dat het niet toekennen van het kindgebonden budget onverenigbaar is met artikel 24 IVBPR.
Dit document bevat de initiële rapportage van Nederland onder het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (CRPD). De rapportage geeft een overzicht van de Nederlandse implementatie van verplichtingen onder het verdrag.
Dit document bevat de 22ste t/m de 24ste rapportage van Nederland onder het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van elke vorm van rassendiscriminatie (CERD). De rapportage geeft een overzicht van de Nederlandse implementatie van verplichtingen onder het verdrag.
Mensenrechten zijn fundamentele rechten voor iedereen, vastgelegd in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 1948.
Nederland streeft naar een open, veilig en vrij cyberdomein en zet zich in om cyberdreigingen tegen te gaan om de democratie en mensenrechten online te beschermen.
Wapens worden gereguleerd via verdragen over massavernietigings- en conventionele wapens, waarbij het humanitair oorlogsrecht bepaalt of wapeninzet rechtmatig is.
Nederland bestrijdt terrorisme binnen en buiten het land, volgens internationale verdragen, met respect voor mensenrechten en humanitair oorlogsrecht.
Sancties zijn niet-militaire maatregelen tegen schendingen van internationaal recht, en omvatten wapenembargo’s, handelsbeperkingen en financiële sancties.
IGO’s kunnen juridisch aansprakelijk zijn, maar genieten vaak immuniteit om onafhankelijkheid te waarborgen.
Deze pagina beschrijft internationale rechtshulp. Het gaat in op de verschillende soorten van rechtshulp en hoe rechtshulp in zijn werking treedt.
Toont 81 - 90 van 168 resultaten.