Dit document bevat de jaarlijkse evaluatie en verantwoording over de inzet van militaire en civiele eenheden bij (militaire) missies en operaties waar Nederland aan deelneemt. De evaluatie is opgesteld door Ministerie van Defensie en het Ministerie van Buitenlandse Zaken voor het parlement en gaat over het jaar 2016.
Dit document bevat het rapport horende bij de Kamerbrief oceanennotitie. Het rapport richt zich op de Nederlandse beleidsuitgangspunten met betrekking tot het gezond houden van oceanen en het behouden van de mariene biodiversiteit, waaronder het implementeren van het Klimaatakkoord van Parijs.
Dit document bevat de beantwoording van aanvullende vragen van het VN Comité voor Economische, Sociale en Culturele rechten op de zesde periodieke rapportage van het Koninkrijk der Nederlanden, welke onderdeel is van de rapportageverplichting onder het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale, en Culturele Rechten (IVESCR).
Dit document bevat advies nr. 27 van de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) inzake de mogelijkheden tot aansprakelijkheidstelling van internationale organisaties, en de reactie van het kabinet op dit advies.
Deze brief bevat de antwoorden van vragen van de Tweede Kamer over de visie van de Nederlandse regering ten opzichte van de Wet BEU in de door Israël bezette gebieden (Gaza, Westelijke Jordaanoever, m.i.v. Oost-Jeruzalem en Golan) en andere conflictgebieden (Westelijke Sahara).
Antwoorden op Kamervragen
De Advocaat Generaal stelt zich op het standpunt dat de Europese Octrooi Organisatie (EOO) zich terecht beroept op immuniteit van jurisdictie. Dat betekent dat de internationale organisatie niet voor de Nederlandse rechter kan worden gedaagd voor geschillen over de officiële werkzaamheden van de organisatie. De Advocaat Generaal is van oordeel dat het recht op toegang tot de rechter volgens het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens niet absoluut is.
Conclusie
Dit document bevat de antwoorden op de schriftelijke vragen over de import van producten uit de Westelijke Sahara die gelabeld zijn als producten met herkomst Marokko.
In dit rapport “Internationaal recht en cannabis II” dat door Van Kempen en Fedorova is uitgevoerd in opdracht van de gemeenten Heerlen, Utrecht en Eindhoven concluderen de onderzoekers dat het gereguleerd toestaan van cannabisteelt en –handel voor recreatief gebruik zou kunnen steunen op positieve verplichtingen die uit mensenrechtenverdragen voortvloeien. In het bijzonder zou het hier gaan om de rechten inzake gezondheid (artikel 12 IVESCR), leven (artikel 2 EVRM en artikel 6 IVBPR), onmenselijke behandeling (artikel 3 EVRM en artikel 7 IVBPR) en privéleven (artikel EVRM en artikel 17 IVBPR). Zie ook de Kamerbrief van 9 maart 2018 met een Kabinetsreactie op dit rapport.
Deze beleidsdoorlichting concentreert zich op vier werkterreinen: de vreedzame geschillenbeslechting, het tegengaan van straffeloosheid, de hervorming van de VN-Veiligheidsraad en het beleid inzake gebieden die buiten de rechtsmacht van landen liggen, zoals de volle zee, Antarctica en de ruimte (internationaal gebied). De studie beschrijft hoe Nederland zich op deze terreinen heeft ingezet, en welke resultaten al dan niet mede door toedoen van Nederland zijn geboekt.
Deze brief informeert de Tweede Kamer over de Nederlandse bijdrage aan de strijd tegen ISIS. De ministers van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en Defensie beantwoorden hierin de feitelijke vragen gesteld door verschillende fractieleden.
Kamerbrief
Toont 41 - 50 van 90 resultaten.