Dit werkdocument van Nederland en het Verenigd Koninkrijk is ingediend tijdens 42ste Antarctic Treaty Consultative Meeting en bevat een samenvatting van de discussie tijdens de workshop over toerisme, gehouden in Rotterdam van 3-5 april 2019.
Dit werkdocument van Nederland, België en Frankrijk is ingediend tijdens 30e Antarctic Treaty Consultative Meeting met als doel om een overzicht te krijgen van de uitdagingen en problemen met betrekking tot (het reguleren van) onderzoek naar genetisch materiaal (biological prospecting). Er wordt voorgesteld om een separate werkgroep in te richten welke deze problemen zal identificeren.
Dit document bevat de periodieke rapportage (Universal Periodic Review) van het Koninkrijk der Nederlanden aan de Mensenrechtenraad (Human Rights Council) waarin de mensenrechtensituatie van het Koninkrijk wordt toegelicht. Er wordt ingegaan op specifieke mensenrechten zoals non-discriminatie, vrijheid van meningsuiting, privacy en recht op onderwijs.
Dit document bevat de Internationale Cyber Strategy van de Nederlandse overheid. Deze strategie focust zich op zes gebieden waaronder economische groei en ontwikkeling van het internet, effectief beheer van het internet, verbetering van cybersecurity, cybercrime, internationale vrede, veiligheid en stabiliteit en internetvrijheden.
Dit document bevat de antwoorden op de vragen van het lid Van Bommel over visserij voor de kust van de Westelijke Sahara.
In dit arrest van de Hoge Raad wordt, in para. 3.6.2, bevestigd dat de Nederlandse rechter is gehouden – en niet slechts bevoegd - ambtshalve te onderzoeken of aan een vreemde staat of internationale organisatie immuniteit van jurisdictie toekomt.
Rechtspraak - arrest Hoge Raad Republiek Irak
In deze prejudiciële beslissing komt de Hoge Raad tot het oordeel dat het internationaal publiekrecht de uitvoerbaarheid in Nederland beperkt van zowel conservatoire als executoriale maatregelen in die zin dat dergelijke maatregelen zijn uitgesloten tenzij en voor zover er sprake is van een geval als bedoeld in artikel 19, onderdelen a tot en c, van het VN-Verdrag inzake de immuniteit van staten en hun eigendommen. Eigendommen van vreemde staten zijn niet vatbaar voor beslag en executie tenzij en voor zover is vastgesteld dat deze een bestemming hebben die daarmee niet onverenigbaar is. De bewijslast bij beslaglegging van een publieke bestemming van eigendom van vreemde staten ligt bij de beslaglegger, waarbij een presumptie van immuniteit geldt. Het toekennen van immuniteit van jurisdictie en van executie overeenkomstig internationaal publiekrecht levert geen schending op van artikel 6 EVRM.
Prejudiciële beslissing
In dit arrest van de Hoge Raad wordt, in para. 3.4.2, geoordeeld dat de eigendommen van een vreemde staat niet vatbaar zijn voor beslag en executie tenzij is vastgesteld dat de eigendommen een bestemming hebben die daarmee verenigbaar is. De stelplicht en bewijslast met betrekking tot de vatbaarheid voor beslag en executie ligt bij de schuldeiser of beslaglegger. De beslaglegger dient gegevens aan te dragen waarmee kan worden vastgesteld dat de goederen door de vreemde staat worden gebruikt of zijn bestemd voor andere dan publieke doeleinden. Dit arrest is onderdeel van een drietal arresten die bekend staan als de ‘Herfstarresten’.
Rechtspraak - arrest Hoge Raad de staat der Nederlanden v. Servaas
In dit arrest oordeelt de Hoge Raad onder meer dat de immuniteit van executie niet absoluut is en dat staatseigendommen met een publieke bestemming in elk geval niet vatbaar zijn voor gedwongen executie.
Rechtspraak - Arrest Hoge Raad Azeta v. JCR/de Staat der Nederlanden
Toont 461 - 470 van 638 resultaten.