Zoeken

Web content search

74 Zoekresultaten

Trefwoord
Vul hier een trefwoord in waarop u wilt filteren.
Periode
Vul hier een begin- en einddatum in op de volgende manier: DD-MM-JJJJ
Thema's en Dossiers
MLA Initiative
Beschrijving
Publicatietype
Geografie
Sorteren op: Datum /

Arrest Hoge Raad (Decembermoorden Suriname)

Uitspraak nationaal | 18 september 2001 | Hoge Raad

Bestand: pdf - 125.5KB

Dossier: Doorwerking van internationaal recht in de nationale rechtsorde

Trefwoorden: Doorwerking internationaal recht (zie Verdragen, rechtstreekse werking) | Verdragen, rechtstreekse werking

De Hoge Raad komt tot het oordeel dat uit art. 94 Grondwet volgt dat binnen het Koninkrijk geldende wettelijke voorschriften geen toepassing vinden indien deze toepassing niet verenigbaar is met een ieder verbindende bepalingen van verdragen en van besluiten van volkenrechtelijke organisaties. In deze bepaling is, voorzover hier van belang, tot uitdrukking gebracht dat de rechter het in art. 16 Grondwet en art. 1, eerste lid, Sr vervatte verbod tot het verlenen van terugwerkende kracht wel dient te toetsen aan verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties, doch dat niet mag doen aan ongeschreven volkenrecht. Deze uitleg strookt met de geschiedenis van de totstandkoming van art. 94 Grondwet. Daartoe wordt verwezen naar de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel dat tot die bepaling heeft geleid (Kamerstukken II 1977-1978, 15 049 (R 1100), nr. 3, blz. 11 e.v.). De Hoge Raad komt tot de conclusie dat het de rechter niet vrijstaat de Uitvoeringswet folteringverdrag - die daarin niet voorziet - buiten toepassing te laten wegens strijd met dat ongeschreven volkenrecht. Blijkens de geschiedenis van de totstandkoming van art. 94 Grondwet heeft de grondwetgever toepassing van ongeschreven volkenrecht indien deze toepassing zou botsen met nationale wettelijke voorschriften, niet willen aanvaarden. Zie essentie in r.o. 4.4.1., 4.4.2. en 4.6.

Arrest Hoge Raad

Judgment International Court of Justice LaGrande Case

Jurisprudentie | 27 juni 2001 | Internationaal Gerechtshof

Bestand: pdf - 2.8MB

Dossier: Doorwerking van internationaal recht in de nationale rechtsorde

Het Internationaal Gerechtshof komt op basis van de tekst van artikel 36, eerste lid, van het Verdrag van Wenen inzake consulaire betrekkingen tot het oordeel dat dit artikel individuele rechten creëert die voor de nationale rechter moeten kunnen worden ingeroepen. Zie essentie par. 77.

Uitspraak Internationaal Gerechtshof (IGH)

Preliminary objections of the Kingdom of the Netherlands in the Case concerning Legality of Use of Force

Inbreng in juridische procedure internationaal | 5 juli 2000

Bestand: pdf - 3.8MB

Dossier: Vreedzame geschillenbeslechting

Trefwoorden: Soevereiniteit | Territoriale soevereiniteit (zie Soevereiniteit) | Geweldgebruik (zie Ius ad bellum) | Geweldgebruik, collectief | Interne aangelegenheden | Rechtsmacht

Dit betreft schriftelijke inbreng (preliminaire bezwaren) van Nederland in de procedure van Joegoslavië tegen Nederland bij het Internationaal Gerechtshof (IGH) inzake de rechtmatigheid van het gebruik van geweld, waarin o.a. wordt ingegaan op art. 36 (2) Statuut van het Internationaal Gerechtshof en bepalingen van het Genocideverdrag.

Nederlandse inbreng in adviesprocedure IGH inzake rechtmatigheid dreiging en gebruik kernwapens

Inbreng in juridische procedure internationaal | 16 juni 1995

Bestand: pdf - 456.2KB

Dossier: Wapens

Trefwoorden: Adviesbevoegdheid Internationaal Gerechtshof | Humanitair oorlogsrecht (zie Internationaal humanitair recht) | Kernwapens

Dit document bevat de schriftelijke inbreng van Nederland bij de adviesprocedure van het Internationaal Gerechtshof (IGH) inzake de rechtmatigheid van de dreiging en het gebruik van kernwapens (ICJ Advisory Opinion Legality of the Threat or Use of Nuclear Weapons).

Arrest Hoge Raad (Stichting Verbiedt de Kruisraketten (SVK) tegen de Staat)

Uitspraak nationaal | 10 november 1989

Bestand: pdf - 97.3KB

Dossier: Wapens

Trefwoorden: Kernwapens | Nucleaire wapens (zie Kernwapens)

In dit arrest komt de Hoge Raad tot het oordeel dat de Nederlandse regering niet onrechtmatig heeft gehandeld door mee te werken aan de plaatsing van met kernkoppen uitgeruste kruisvluchtwapens in Nederland. Dit arrest is van belang omdat de Hoge Raad oordeelt dat er geen internationaalrechtelijke norm bestaat die het voorhanden hebben van kernwapens verbiedt.

Judgment of the ICJ in the North Sea Continental Shelf case

Uitspraak internationaal | 20 februari 1969

Bestand: pdf - 3.3MB

Dossier: Vreedzame geschillenbeslechting | Grond- en zeegebied

Trefwoorden: Continentaal plateau | Gewoonterecht | Grensafbakening via equidistantie-methode | Zeegrenzen

In deze uitspraak komt het Internationaal Gerechtshof (IGH) tot de conclusie dat het gebruik van het equidistantiebeginsel voor de afbakening van de Noordzee niet leidend is tussen partijen, omdat dit principe niet kon worden aangemerkt als gewoonterecht. In deze uitspraak verduidelijkt het Hof welke vereisten er nodig zijn voordat gebruiken en gewoonten kunnen worden aangemerkt als gewoonterecht. In dit verband gaat het ook in op opinio juris.  

Common Rejoinder of the Kingdom of Denmark and the Kingdom of The Netherlands in the North Sea Continental Shelf case

Inbreng in juridische procedure internationaal | 30 augustus 1968

Bestand: pdf - 8.2MB

Dossier: Vreedzame geschillenbeslechting | Grond- en zeegebied

Trefwoorden: Continentaal plateau | Grensafbakening via equidistantie-methode | Zeegrenzen

Dit document bevat de gezamenlijke schriftelijke inbreng van Denemarken en Nederland in de procedure tussen Duitsland, Denemarken en Nederland bij het Internationaal Gerechtshof (IGH) inzake de afbakening van het continentaal plat in de Noordzee.

Special Agreement for the submission to the ICJ of a difference between Germany and the Netherlands concerning the delimitation of the Continental Shelf in the North Sea

Inbreng in juridische procedure internationaal | 16 februari 1967

Bestand: pdf - 806.7KB

Dossier: Vreedzame geschillenbeslechting | Grond- en zeegebied

Trefwoorden: Continentaal plateau | Grensafbakening via equidistantie-methode | Zeegrenzen

Dit document bevat de bijzondere overeenkomst tussen Duitsland en Nederland om het geschil inzake de afbakening van het continentaal plat in de Noordzee voor te leggen aan het Internationaal Gerechtshof (IGH).

Counter-Memorial of the Kingdom of The Netherlands in the North Sea Continental Shelf case

Inbreng in juridische procedure internationaal | 15 september 1965

Bestand: pdf - 4.6MB

Dossier: Vreedzame geschillenbeslechting | Grond- en zeegebied

Trefwoorden: Continentaal plateau | Grensafbakening via equidistantie-methode | Zeegrenzen

Dit document bevat de Nederlandse inbreng in de procedure tussen Duitsland en Nederland bij het Internationaal Gerechtshof (IGH) inzake de afbakening van het continentaal plat in de Noordzee. Hierin gaat Nederland in op o.a. de algemene regels m.b.t. afbakening en betoogd het dat het equidistantiebeginsel moet worden toegepast om de zeegrens tussen de twee landen vast te stellen.

Judgement of the ICJ Case Concerning the Application of the Convention of 1902 Governing the Guardianship of Infants (Netherlands v Sweden)

Uitspraak internationaal | 28 november 1958

Bestand: pdf - 1.2MB

Dossier: Vreedzame geschillenbeslechting

Trefwoorden: Diplomatieke bescherming | Verdragen, opvolging

In deze uitspraak komt het Internationaal Gerechtshof (IGH) tot de conclusie dat de maatregelen die Zweden neemt met betrekking tot het voogdijschap over een Zweeds-Nederlands minderjarig kind niet in strijd zijn met het Voogdijverdrag uit 1902. Deze uitspraak is van belang omdat nationaal recht voorrang kreeg boven verdragsverplichtingen. Daarnaast heeft deze uitspraak ertoe geleid dat er een nieuw verdrag is gekomen welke voogdij-verplichtingen regelt.

Toont 61 - 70 van 74 resultaten.