Er bestaan twee vacatures voor het lidmaatschap van de CAVV. De Commissie van advies inzake volkenrechtelijke vraagstukken (CAVV) is een onafhankelijk adviesorgaan in de zin van de Kaderwet ...
Het EHRM heeft in de zaak E.G.E. t. Nederland een schending van artikel 3 EVRM (verbod van foltering) vastgesteld.
De zaak betreft een politieoptreden waarbij een agent disproportioneel geweld heeft gebruikt tegen de partner van verzoekster. Dit geweld omvatte onder meer een vuistslag tegen het achterhoofd, alsmede andere vormen van geweld. De partner van verzoekster overleed kort daarna op het politiebureau, vermoedelijk als gevolg van een hoge cocaïneconcentratie in zijn lichaam. Een verband tussen het gebruikte geweld en zijn overlijden werd niet vastgesteld. Nadat de agent niet werd vervolgd, klaagde verzoekster hierover bij het gerechtshof, dat oordeelde dat de vuistslag weliswaar achterwege had moeten blijven, maar geen vervolging rechtvaardigde. Het EHRM stelt vast dat verzoekster als slachtoffer kan worden aangemerkt en oordeelt dat de regering niet overtuigend heeft aangetoond dat de vuistslag strikt noodzakelijk en proportioneel was, mede omdat de partner van verzoekster geen wapen bij zich had en al onder controle van vier agenten was. Het EHRM heeft geoordeeld dat er sprake is van een schending van artikel 3 EVRM.
Dit document bevat de achtste tussentijdse rapportage van Nederland onder het Verdrag tegen Foltering en andere Wrede, Onmenselijke en Onterende Behandeling of Bestraffing (CAT). De rapportage geeft een overzicht van de Nederlandse implementatie van verplichtingen onder het Verdrag.
In deze kamerbrief gaat de Minister van Buitenlandse Zaken in op rapporten over de situatie in Gaza van verschillende NGO's en de verplichtingen van Nederland onder het Genocideverdrag en het Statuut van Rome. Deze brief verwijst ook naar de moeilijkheden met het bewijzen van genocide en de jurisprudentie en dissussies omtrent de juiste bewijsstandaarden.
Memorie van Toelichting uit 2002 bij het wetsvoorstel dat de Wet internationale misdrijven in het leven roept. Deze Wet internationale misdrijven stelt "de ernstigste misdrijven die de gehele internationale gemeenschap met zorg vervullen" uit het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof strafbaar.
Deze Memorie van Toelichting gaat in op de wijzigingen van Nederlandse wetgeving die nodig zijn om uitvoering te geven aan het op 20 december 2006 te New York tot stand gekomen Internationaal Verdrag inzake de bescherming van alle personen tegen gedwongen verdwijning. Het gaat om wijzigingen van de Wet Internationale Misdrijven (WIM) en de Uitleveringswet.
Dit is de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel ter goedkeuring van het op 16 december 2025 tot stand gekomen Verdrag tot oprichting van een schadevergoedingscommissie voor Oekraïne. Deze schadevergoedingscommissie zal vorderingen behandelen en compensatie vaststellen voor de geleden schade als gevolg van Russische agressie in Oekraïne.
Antwoorden van de Ministers van Buitenlandse Zaken en Infrastructuur en Waterstaat, mede namens de Minister van Defensie, op vragen van leden Van der Werf, Paternotte en Boswijk over de Kamerbrief stand van zaken aanpak schaduwvloot.
In dit advies gaat het Internationaal Gerechtshof (IGH) in op de verplichitingen van staten met betrekking tot klimaatverandering. In maart 2023 had de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties om dit advies gevraagd.
In dit document reageert het kabinet op advies nummer 45 van de Commissie van advies inzake volkenrechtelijke vraagstukken (CAVV) over de consequenties op de lange termijn van het oprichten van een alternatief tribunaal om de misdaad van agressie te berechten en andere mogelijkheden om de Russische president Poetin te berechten. Dit advies is op 24 januari 2024 uitgebracht nadat de Tweede Kamer er in oktober 2023 om had verzocht.
Toont 1 - 10 van 453 resultaten.