Zoeken

Web content search

187 Zoekresultaten

Sorteren op: Datum /

Rapportage 2020 - Internationale Mensenrechtenprocedures

Inbreng in juridische procedure internationaal | 18 mei 2021 | Minister van Buitenlandse Zaken

Dossier: Mensenrechten

Trefwoorden: Mensenrechten | Mensenrechtenschendingen

In het rapport zijn samenvattingen opgenomen van alle uitspraken en beslissingen van internationale mensenrechtenprocedures waarbij het Koninkrijk der Nederlanden in het jaar 2020 betrokken is geweest. In rapport is ook een overzicht opgenomen van de stand van zaken van uitspraken die door het Koninkrijk tenuitvoer moeten worden gelegd.

Nationale Groep van het Permanent Hof van Arbitrage

Content Dossier / MLA | 2 april 2021

Het Permanent Hof van Arbitrage (PHA) is het eerste permanente internationale mechanisme voor de vreedzame beslechting van geschillen tussen staten. Het is opgericht onder twee in Den Haag tot...

Wat is de bevoegdheid van het Internationaal Strafhof?

Veelgestelde vragen | 8 maart 2021

Dossier: Individuele strafrechtelijke aansprakelijkheid

Het in 2002 in Den Haag gevestigde Internationaal Strafhof is opgericht bij verdrag, het Statuut van Rome. In...

Landsgrenzen

Content Dossier / MLA | 14 januari 2021

Het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden grenst niet alleen aan dat van Duitsland en België maar ook aan dat van Frankrijk: Sint Maarten en Saint Martin zijn buurlanden. En niet alleen...

Zeegrenzen

Content Dossier / MLA | 14 januari 2021

Nederland heeft meerdere grenzen op zee. Deze grenzen bakenen maritieme zones af, waar Nederland bepaalde rechten heeft. Bijvoorbeeld om bodemschatten te exploiteren of schepen te controleren....

Arrest Hoge Raad (Kazachstan en Samruk v. Stati)

Uitspraak nationaal | 18 december 2020

Dossier: Staatsimmuniteit

Trefwoorden: Beslag, conservatoir | Immuniteit van executie | Staatsimmuniteit

In dit arrest van de Hoge Raad wordt, in para. 3.2.4, geoordeeld dat immuniteit van executie van staatseigendom niet is beperkt tot goederen waarvan de onmiddellijke bestemming een publieke is. Op grond van het volkenrecht geldt voor goederen van een vreemde staat een presumptie van immuniteit van executie, die alleen wijkt indien is vastgesteld dat de desbetreffende goederen door de vreemde staat worden gebruikt of zijn beoogd voor andere dan publieke doeleinden. Tevens oordeelt de Hoge Raad in para. 3.2.5 dat niet duidelijk is waarom als vaststaand kan worden aangenomen dat de door Samruk gehouden aandelen in KMGK een andere bestemming hebben dan een publieke bestemming. Dat de opbrengsten uit de aandelen in KMGK bestemd zijn om de nationale welvaart van Kazachstan te vergroten, wijst immers in beginsel erop dat deze een publieke bestemming hebben. Rechtspraak - arrest Hoge Raad Kazachstan en Samruk v. Stati

Voormalig Juridisch Adviseur Adriaan Bos overleden

CIR Nieuwsbericht | 20 november 2020 | Bron: CIR

Vandaag bereikte ons het droevige bericht dat voormalig Juridisch Adviseur van het Ministerie van Buitenlandse Zaken Adriaan Bos op 19 november 2020, is overleden.

Kamerbrief over staatsaansprakelijkheid en non-interventiebeginsel

Kamerbrief | 13 november 2020 | Minister van Buitenlandse Zaken

Dossier: Staatsaansprakelijkheid | Rechtsgrondslag geweldgebruik | Humanitair oorlogsrecht

Trefwoorden: Geweldgebruik (zie Ius ad bellum) | Humanitair oorlogsrecht (zie Internationaal humanitair recht) | Non-interventiebeginsel | Staatsaansprakelijkheid (zie Aansprakelijkheid, Staats-)

Met deze Kamerbrief informeert de Minister van Buitenlandse Zaken de Tweede Kamer over zijn standpunt met betrekking tot internationale aansprakelijkheid van staten, het non-interventiebeginsel en het verlenen van steun aan niet-statelijke actoren naar aanleiding van het leveren en financieren van niet-letale steun (NLA) aan oppositiegroepen in Syrië. Tot slot wordt ingegaan op de aansprakelijkheid van Rusland voor het geven van steun aan niet-statelijke actoren in het oosten van Oekraïne (in het kader van het neerhalen van vlucht MH17).   Tweede Kamer, 2020-2021, 32623, nr. 312

Nederland stelt Syrië aansprakelijk voor mensenrechtenschendingen

Content Dossier / MLA | 18 september 2020

Nederland heeft op 18 september 2020 Syrië aansprakelijk gesteld voor grove mensenrechtenschendingen, foltering in het bijzonder. Met een diplomatieke nota is Syrië van dit besluit op de hoogte...

Nederland stelt Syrië aansprakelijk voor mensenrechtenschendingen (pdf)

Kamerbrief | 18 september 2020

Dossier: Aansprakelijkstelling Syrië door Nederland

Trefwoorden: Internationale geschillenbeslechting, vreedzame | Mensenrechten | Staatsaansprakelijkheid (zie Aansprakelijkheid, Staats-)

In deze Kamerbrief is vermeld dat Nederland via een diplomatieke nota Syrië aansprakelijk heeft gesteld voor grove mensenrechtenschendingen en foltering in het bijzonder. Nederland heeft Syrië gewezen op de internationale verplichtingen die het heeft om de schendingen te beëindigen en slachtoffers volledig rechtsherstel te bieden. Nederland heeft Syrië gevraagd in onderhandeling te treden. Als geen overeenstemming wordt bereikt tussen de landen, zal Nederland de zaak voorleggen aan een internationale rechter. Het Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing van 1984, dat door Syrië in 2004 werd geratificeerd biedt hiervoor een rechtsgrondslag. Kamerbrief (Tweede-Kamer, 32623, nr. 301)

Kamerbrief voornemen interventie Nederland-Canada (pdf)

Kamerbrief | 2 september 2020

Dossier: Interventie Gambia v. Myanmar Internationaal Gerechtshof

Trefwoorden: Accountability | Genocide | Internationale geschillenbeslechting, vreedzame

De minister van Buitenlandse Zaken informeert de Tweede Kamer over de intentie van Nederland en Canada om te interveniëren in de zaak van Gambia tegen Myanmar onder artikel 63 van het Statuut van het Internationaal Gerechtshof. Een dergelijke inspanning is in lijn met de Nederlandse inzet op het tegengaan van straffeloosheid middels vervolging en berechting van de meest ernstige misdrijven en uiteindelijk op gerechtigheid en genoegdoening voor slachtoffers. Kamerbrief (Tweede-Kamer, 32735, nr. 310)

Rapport Geweldsmonopolie en piraterij

Advies overig | 4 juni 2020

Dossier: Piraterijbestrijding

Trefwoorden: Piraterij | Scheepvaart | Terrorismebestrijding

Dit document bevat het rapport van de Adviescommissie gewapende particuliere beveiliging tegen piraterij inzake geweldsmonopolie en piraterij.

De Noordpool

Content Dossier / MLA | 12 mei 2020

Het Noordpoolgebied heeft geen duidelijk omschreven geografische grens. Vaak wordt de Noordpool aangegeven als het gebied boven de poolcirkel, maar ook het gebied ten noorden van de 10°C isotherm...

MH17

Content Dossier / MLA | 4 maart 2020

Dossier: MH17

Op 17 juli 2014 stortte vlucht MH17 van Malaysia Airlines neer in oost-Oekraïne. Daarbij kwamen alle 298 inzittenden om het leven. Uit onderzoek bleek dat het vliegtuig neergehaald werd door een...

Instellingsbesluit Nationale Groep Permanent Hof van Arbitrage

Overig | 31 januari 2020

Dossier: Nationale Groep van het Permanent Hof van Arbitrage

Trefwoorden: Arbitrage | Geschillenbeslechting (zie Internationale geschillenbeslechting) | Vreedzame geschillenbeslechting (zie Int. geschillenbeslechting, vreedzame)

Dit document bevat het Koninklijk Besluit dat de instelling, de samenstelling, bevoegdheden en taken van de Nederlandse Nationale Groep bij het Permanent Hof van Arbitrage regelt.

Kabinetsaanpak Klimaatbeleid naar aanleiding van het arrest Urgenda

Kamerbrief | 31 januari 2020

Dossier: Doorwerking van internationaal recht in de nationale rechtsorde

Trefwoorden: Doorwerking internationaal recht (zie Verdragen, rechtstreekse werking) | Mensenrechten, directe werking

In deze Kamerbrief geeft de regering een nadere reactie op het Urgenda-arrest van de Hoge Raad. Ingegaan wordt op de inhoud van het arrest en de vervolgstappen. Ook is in de brief vermeld dat zal worden bezien of het Urgenda-arrest een bredere betekenis heeft.  Kamerbrief (Tweede-Kamer 2019-2020, 32813, 445) Zie ook arrest Hoge Raad inzake Urgenda

Disclaimer

Basiswebcontent | 8 januari 2020

De website bevat informatie die het meest relevant zijn voor het standpunt van Nederland op het gebied van interpretatie en toepassing van het internationaal recht. De CIR website is niet...

Over het CIR

Basiswebcontent | 8 januari 2020

Het Centrum voor Internationaal Recht (CIR) is het expertisecentrum van het Koninkrijk der Nederlanden voor de bewustwording, een consistente uitleg, de toepassing en naleving van het...

Arrest Hoge Raad inzake klimaatzaak Urgenda

Uitspraak nationaal | 20 december 2019 | Hoge Raad

Dossier: Doorwerking van internationaal recht in de nationale rechtsorde

Trefwoorden: Mensenrechten, directe werking | Doorwerking internationaal recht (zie Verdragen, rechtstreekse werking)

De Hoge Raad wijst erop dat het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) de staten die bij het verdrag zijn aangesloten ertoe verplicht om voor hun ingezetenen de rechten en vrijheden te verzekeren die in het verdrag zijn vastgesteld. Art. 2 EVRM beschermt het recht op leven, en art. 8 EVRM het recht op eerbiediging van het privé-, familie- en gezinsleven. Volgens de rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) is een verdragsstaat op grond van deze bepalingen verplicht om passende maatregelen te treffen, indien een reëel en ernstig risico voor het leven of het welzijn van personen bestaat en de staat daarvan op de hoogte is.  De Hoge Raad komt tot het oordeel dat de positieve verplichtingen van de artikelen 2 en 8 EVRM ook van toepassing zijn op het (mondiale) probleem van klimaatverandering. Er is volgens de Hoge Raad sprake van een voldoende reëel en ernstig risico op aantasting van het leven en welzijn van ingezetenen van Nederland als gevolg van klimaatverandering. Art. 2 en 8 EVRM dienen naar het oordeel van de Hoge Raad zo te worden uitgelegd dat landen erop kunnen worden aangesproken hun aandeel te leveren in de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Het nationale recht moet volgens art. 13 EVRM een effectief rechtsmiddel bieden om tegen een schending of dreigende schending van de door het EVRM gewaarborgde rechten op te komen.  Arrest Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2019:2006)

Toont 1 - 20 van 187 resultaten.